Racetalent Reno geeft gas in de kraamkamer van de Formule 1
Reno Francot (18) is een van de grootste racetalenten van Nederland. Sinds zijn prille jeugd is hij gefascineerd door de snelle bolides van de Formule 1. De ambitieuze coureur zet alles aan de kant om zijn grote droom waar te maken: ooit hoopt hij in de voetsporen te treden van de inmiddels tot racelegende uitgegroeide Max Verstappen. De jonge sportman uit Echt maakt snel progressie. In het FIA Formula Regional European Championship behoort hij tot de allerbesten.
Door PETER VAN DE BERG
Het snelle leven van Reno Francot speelt zich voor een groot deel af op racecircuits en in vliegtuigen en hotelkamers.
Alleen vorig jaar al heeft hij eenenzestig keer kriskras door Europa gevlogen. En dat doet de jonge autocoureur al vanaf zijn vijftiende, veelal alleen. Terwijl leeftijdsgenootjes op dat moment in schoolbanken zaten te zweten op proefwerken, ging hij op pad naar testdagen om snelle rondjes te draaien in zijn racewagen of om zijn techniek te verbeteren in geavanceerde racesimulators.
Dat Reno - die rijdt voor het team van CL Motorsport - talent heeft, is inmiddels wel duidelijk. Hij debuteert dit seizoen verdienstelijk in het FIA Formula Regional European Championship, kort FREC. In april pakte hij op de Red Bull Ring in Oostenrijk in een klassementsrace zijn eerste zege in deze FREC-klasse, die ook wel de kraamkamer van de Formule 1 wordt genoemd. De beste jonge coureurs uit de hele wereld gebruiken deze topklasse als opstapje naar de Formule 3, die net als voor Reno uiteindelijk naar de koningsklasse van de snelle wagens moet leiden. Voor de wedstrijden op de circuits van Zandvoort en Spa-Francorchamps ging hij onlangs even twee dagen op en neer naar het Italiaanse Verona. Daar in de buurt is het managementbureau van Giancarlo Fisichella en Marco Cioci gevestigd. De voormalige Italiaanse autocoureur Fisichella is in eigen land een legende, die van 1996 tot 2009 deel uitmaakte van het Formule 1-circus en in zijn loopbaan drie GP-zeges pakte. Reno Francot staat bij Fisichella onder contract. Daar krijgt hij de professionele begeleiding die hem naar de top moet brengen. ‘Voor elke race ga ik daar trainen in de simulator’, vertelt hij thuis in Echt aan tafel in de woonkamer. ‘Vaak is er een teamgenoot bij en een engineer om te analyseren en bespreken wat beter kan. Voor mij is dat heel nuttig. Ik kan daar bijvoorbeeld oefenen op de rempunten en hoe ik op de beste manier een bocht kan aansnijden. Sommige mensen denken wel eens dat het een soort van racespelletje is. Verre van dat. De simulator is geen videogame. We bereiden alles bloedserieus voor met een gepersonaliseerd plan. Alle details moeten kloppen.’
Lastig
Maar daarvoor moet je dan wel eerst aankomen op de plek van bestemming. Omdat Reno pas een half jaar zijn rijbewijs heeft, is het soms lastig om een huurauto mee te krijgen, zoals een paar weken geleden in Italië. Hij gniffelt. ‘De vorige keer lukte het wel en nu niet. Dan moet ik ter plekke een bus en trein regelen. Ik ben uren onderweg geweest. En ’s avonds zit je dan in je eentje op een hotelkamer een pizza naar binnen te werken. Dat is mijn leven in een notendop. Het grootste deel van het jaar ben ik onderweg en aan het reizen. Ik vind het niet erg om dat alleen te doen. Natuurlijk was het in het begin wel even wennen, omdat ik veel zaken dan ook zelf moet regelen. Wat dat betreft, heb ik mezelf een beetje moeten opvoeden. Maar dat doe ik met liefde omdat ik weet waar ik uiteindelijk naartoe wil.’ Thuis in Echt draait alles om de carrière van Reno, die zich met de snelheid van een racewagen ontwikkelt. Fernon Francot, in het dagelijks leven fysiotherapeut, is naast vader ook beste vriend van zijn zoon. Hij begeleidt hem in alle opzichten. ‘We hebben alles voor Reno gefaciliteerd. In ons gezin komt zijn sportloopbaan op de eerste plaats. Mijn vrouw Joyce, zijn zus Shanna en ik zijn de belangrijkste steunpilaren. In de raceweekeinden ben ik er altijd bij. Op het gebied van fitness, voeding en fysiotherapie help ik hem. Maar ik let ook op zijn fysieke en mentale welzijn. Toen hij een jaar of dertien was, heb ik hem gevraagd wat zijn grootste wens was. “Ik wil niet meer naar school,” zei hij stellig. “Ik wil leren om de beste coureur van de wereld te worden”. En zo is het gegaan.’
Schaalmodellen
In zijn slaapkamer staat een racesimulator. Hij kruipt in het kuipstoeltje om een rondje op het circuit van Zandvoort te draaien. Aan de muur hangt het frame van de eerste kart waarmee hij Nederlands kampioen is geworden. Op de vensterbank staan twee schaalmodellen van Lego. De rood-witte McLaren van de verongelukte Braziliaanse racegod Ayrton Senna, daarachter een kleinere Red Bull van Max Verstappen. Toen Reno een kleuter van amper een jaar of vier was, zat hij al met papa Fernon op de tribune op de Hockenheimring om Michael Schumacher in zijn laatste seizoen als F1-piloot in actie te zien. ‘We keken altijd naar de wedstrijden op televisie’, vertelt Fernon Francot. ‘Vanaf het moment dat Max in de sport is gekomen, werd dat alleen nog maar meer.’ Zijn moeder Joyce vult aan: ‘Reno klom als tweejarige al op zo’n speelgoedquad. Dan reed hij van binnen naar buiten en omgekeerd. En op de kermis in het dorp waren de botsauto’s zijn domein. Alleen probeerde hij altijd botsingen te ontwijken door handig tussen de wagentjes te slalommen. Daardoor kon hij de snelheid hoog houden. De mensen van de kermis zagen dat aandoenlijke tafereel ook en gaven hem muntjes om gratis te rijden.’ Fernon doet er nog een schepje bovenop. Half fluisterend alsof niemand het mag horen. ‘Als twaalfjarige reed hij al eens zonder moeite een stukje in een bestelbus.’
Huurkartje
Het gezin Francot gaat al jaren in het Spaanse Málaga op vakantie. Op een kartcircuit naast het vliegveld is het zaadje geplant voor de raceloopbaan van Reno. Hij was acht jaar toen hij voor de lol in een huurkartje stapte en meteen een baanrecord reed. ‘Voor Reno was het pure fun’, zegt Fernon Francot. ‘Maar hij was toch wel verdraaid snel. Het ging hem zo makkelijk af. Binnen de kortste keren zat hij in een kart waarvoor de leeftijdsgrens eigenlijk achttien jaar was. De mensen van het kartcircuit kwamen naar me toe. “Dat jochie is écht goed! Daar moeten jullie iets mee doen”. Uiteindelijk zijn we in Genk op de kartbaan terechtgekomen. De Belgische eigenaar Paul Lemmens, die op zijn kartbaan in het verleden ook toppers in de dop als Lewis Hamilton, Michael Schumacher, Fernando Alonso en Sebastian Vettel in actie zag, leerde hem de techniek. En dat leverde Reno meteen de Nederlandse titel op in de Minimax-klasse.’
Tandarts
‘Dat was het moment dat ik gestopt ben met voetbal’, zegt Reno. ‘Ik heb vijf jaar bij Fortuna Sittard in de jeugdopleiding gezeten. Ik speelde rechtsachter. Maar ik heb geen moment getwijfeld. Autosport moest het worden. Nu ga ik nog weleens voor de lol naar Fortuna kijken. Dit seizoen heb ik toch nog twaalf thuiswedstrijden gezien.’ Van de snelheid van de bal naar de snelheid van de racewagen. Het is een grote stap. Reno heeft Max Verstappen ooit per toeval ontmoet bij de tandarts in Stevensweert. Een foto is het bewijs. Ze staan naast elkaar. De kleine Reno in een groen trainingsjack van Fortuna naast zijn idool die op dat moment furore begon te maken in de F1. Twee autocoureurs, allebei uit Limburg. De een aan de top, de ander op weg. Dat is zeker opmerkelijk. Als Reno nog eens naar de foto met Max kijkt, beseft hij waar hij het allemaal voor doet. ‘Dat is de weg die ik moet afleggen. Dat wil ik ook bereiken. Daar droom ik van. Ik zal er in elk geval alles aan doen om dat plan te laten slagen.’




